Mijmeringen: 'Dataschaamte'

jun 29 , 12:51 Nieuws
dataschaamte
'Mijmeringen' is een wekelijkse column van Dongenaar Rinus Krijnen
Dataschaamte
Ons internetgebruik en überhaupt het gebruik van informaticasystemen blijft meestal buiten de discussie over CO2. Onterecht, want de datacenters waarmee de cloudoplossingen werken, zijn grote energieslurpers en concurreren fors met de overige bedrijven om een plek bij de stroomdistributie. We zijn hoe langer hoe meer digitaal en de vraag is hoe duurzaam dit is? Een groot nadeel van de informatievoorziening is dat het altijd ‘aan’ moet staan. Zonder stroom geen data. Hoe meer data, hoe meer stroom. Vanwege de kwetsbaarheid van de IT wordt alle data minimaal één keer gekopieerd en elders opgeslagen.
Vroeger sloeg men data op op een WORM -write once, read many-, een soort CD-Rom, read only. Er waren systemen destijds die werkte als een jukebox. Stand-By en online was alleen een index, waarmee je de data kon traceren. Afhankelijk of de WORM in de jukebox of cachegeheugen zat, had je snel of minder snel je info. De WORM had wel het voordeel dat eenmaal opgeslagen, de data zelf geen stroom verbruikte. Maar het nadeel bleef, dat bij veel data je toch een fysiek archief had met WORM-disks. Tegenwoordig slaan we alles op op harddisks of SSD’s en is alles instant opvraagbaar. Alles staat wel constant onder spanning. Dat kost dus altijd energie. Hoewel ook hier grote stappen zijn gezet om dit efficiënter te doen, groeit de beschikbare data explosief en leidt de efficiëntie niet tot minder, maar juist tot meer verbruik.
Zelf doe ik hier ook aan mee. In de organisaties waar ik vrijwilligerswerk doe, werk ik aan een volledige digitalisering van de archieven. Het grote voordeel van digitale archieven is groot: het gebruik is plaatsonafhankelijk, je kunt simpel data delen en direct toepassen. En dat delen moet je uiteraard wel gecontroleerd en veilig doen. Je wilt niet dat je archief op straat komt. Bovendien scheelt het ruimte in de kasten. Het is ook vooral ook een manier om flink te selecteren: wat moet bewaard blijven en wat kan weg? In veel gevallen kunnen de originele papieren documenten worden vernietigd. Je hebt ze immers digitaal beschikbaar. Moet je toch fysiek bronnen bewaren, dan kan dit na digitalisering ergens achteraf.
Die datacenters zijn forse stroomgebruikers. Omdat de infrastructuur meestal wel in orde is, zou je de datacenters zo dicht mogelijk bij de energieleverancier willen plaatsen. En dan liefst bij leveranciers die de energie groen opwekken. Dat ziet men ook wel als een oplossing, maar de vraag naar datacenters en dus stroom, wordt alleen groter. En vanwege de kwetsbaarheid door stroomuitval, sabotage, natuurrampen of oorlogshandelingen worden er hoge eisen gesteld aan de bouw van een datacenter. Moeten we dan maar stoppen met digitaliseren? Zeker nu artificial intelligence (AI) zijn intrede heeft gedaan, wordt de zucht naar data alleen maar groter. Afgezien van allerlei maatschappelijke en ethische vraagstukken en discussies rondom AI is dit een feit. De CO2 uitstoot wordt ook hoe langer hoe groter met deze digitale opmars. Alternatieven zijn er eigenlijk niet. AI zorgt dat veel werk uit handen wordt genomen, zodat met minder mensen en nauwkeuriger er werk kan worden verricht. Dat leveren we niet in. Bovendien is dat een verdienmodel, waardoor de beurzen- ondanks allerlei crises- momenteel toch hoog staan.
Bedrijven denken met AI mensen uit te sparen. Mensen die we elders in maatschappij-onderdelen waar automatisering van veel minder belang is, goed zouden kunnen gebruiken. Denk aan de zorg en de bouw. Ik vraag me wel af of een boekhouder of callcentermedewerker één op één ingezet kan worden in deze zogenaamde praktische beroepen. De waardering voor praktische beroepen zal dan fors moeten toenemen. Het gebruik van data is onvermijdelijk. Daar kunnen we niet onderuit. En er is ook geen alternatief. Eenmaal gewend aan digitale bestanden en systemen kun je niet meer terug naar rolodexen, kaartenbakken, hangmappen en pater nosterkasten. De wereld is hiervoor te groot geworden en vooral het delen van gegevens en informatie was in de ‘oude’ wereld erg lastig. Bovendien kostte de ouderwetse administraties ook erg veel CO2 en geld. Er waren veel meer mensen nodig, kasten en archieven vol met archiefdozen en mappen vol papier. Bij een beetje goede organisatie werd het papier na de bewaartermijn versnipperd en begon het hele circus weer opnieuw. De grondstof papier is ook een CO2 grootverbruiker. En doordat we softwarematig nu zaken oplossen, hoeven er ook minder apparaten te worden gemaakt. Zo zie je dat een elektrische auto uit aanzienlijk minder onderdelen bestaat dan een benzineauto. Dit soort resultaten zijn ook winst.
Maar we moeten wel reëel zijn en onder ogen zien wat de consequenties zijn van onze digitale stap voorwaarts. Naar het verleden kijken heeft geen zin. Daar kunnen we alleen maar van leren. Ik ga ervan uit dat de eruptie van data nog lang niet is geluwd. Maak inzichtelijk wat de gevolgen zijn van deze ontwikkelingen en rapporteer hierover. Publiceer indexen met CO2 verbruik per opgewekte KwH en stuur hierbij op efficiëntie in grens-overstijgende beleid. Je hoeft je niet te schamen als je een forse dataverbruiker bent. Je moet je er wel van bewust zijn.