En we zijn weer een weekje verder. Bijna op de helft van de 26 weken durende afvalrace. Hoe gaat het met Kris? Lees het hieronder in zijn blog van deze week.
De 12e week van de AFVALRACE is weer voorbij. Een redelijk “standaard” weekje wat mij betreft. Ik begin te merken dat structuren in mijn week belangrijk zijn (zou ik autistische trekjes hebben?) en dat wanneer ik mijn leven blijf leiden in een ritme dat ik dan beter functioneer. Ik verdeel de AFVALRACE altijd in twee helften. De ene helft is het gezond eten/drinken en de andere helft het sporten. Kijkende naar de structuur van het sporten dan merk ik dat daar de vastigheid wel in zit. Zonder mokken en met veel zin pak ik mijn dagelijkse trainingen mee en weet ik voor mezelf welke training ik op welke dag pak en hoe het trainingsschema er voor de rest van de week uit ziet.
Ik probeer nog wel telkens uitdagingen voor mezelf te zoeken. Met deze uitdagingen probeer ik vaak te kijken of ik mijn lichaam nog net iets verder kan pushen dan dat ik gewend ben. Voorbeelden hiervan zijn; meerdere trainingen achter elkaar doen, bij de krachttrainingen steeds makkelijker of eerder zwaardere gewichten pakken (ik doe alles om te ‘gainen’). Hierdoor kom ik er wel achter dat ik nog steeds geen lichaam van een topsporter heb (ik snap dat jullie verbaasd zijn) en dat ik wel tegen enkele beperkingen oploop. Dit zijn beperkingen in de vorm van zwakke plekken in mijn lichaam. Zoals ik vorige week al meldde is met name mijn onderrug nu even een tijdelijk zwak punt. Oude blessures aan mijn hamstrings en mijn linkerknie zijn ook nog steeds aandachtspunten.
Ook het fenomeen spierpijn komt weer terug. Doordat ik mijn lichaam push tot aan de grens merk ik dat ik een dag later, of dagen later mijn gebruikte spieren goed voel. Om die reden probeer ik samen met trainer Timo het trainingsschema zo te maken dat er telkens 48 uur zit tussen trainingen van dezelfde spiergroepen, dit om de spieren te laten uitrusten en te laten herstellen.
Startende vanaf 2015 gaan we het trainingsschema nog strakker zetten om er zo voor te zorgen dat ik nog meer vooruit ga. Verder heb ik gevraagd om meer aandacht te geven aan de zwakke plekken in mijn lichaam. Dit omdat juist deze plekken er voor zorgen dat ik na dit half jaar weer ‘normaal’ kan sporten en mijn favoriete sport atletiek weer kan beoefenen. Want dat is natuurlijk wel een wens van me, dat ik weer lekker op die rode kunststofbaan kan trainen en dan met name ‘mijn’ onderdelen verspringen en sprinten weer kan doen.
De tweede helft van de AFVALRACE is het gezond eten en drinken. Ik merk dat de structuur daar nog niet helemaal geautomatiseerd is. Ik weet wat de structuur zou moeten zijn, maar ik vind het lastig om mij hier altijd aan te houden. Hieronder een standaard eetpatroon van een dag in de week.
07.30u Ontbijt Magere yoghurt met ontbijtgranen
10.00u – 14.00u Lunch 6 boterhammen met kipfilet en/of pindakaas
14.00u – 16.00u Tussendoortje stuk fruit (meestal een appel)
17.45u Avondeten min. 200gr groenten, max 100gr koolhydraten (aardappels,
rijst, pasta), max 100gr vlees (zo mager mogelijk)
22.15u Post-training 250 gr magere kwark + stuk fruit (meestal mandarijnen)
23.30u Pre-sleep 250 gr magere kwark
Wat gaat er dan mis? Vaak een stukje planning. Op tijd boodschappen doen is een kunst voor mij. Vaak kom ik er s ’avonds laat er achter dat ik bepaalde producten niet meer in huis heb. Voor de komende tijd wil ik een harde planning voor mijzelf gaan maken met daarop alle boodschappen die ik voor die week nodig heb, zodat ik deze in één keer kan gaan halen bij het boodschappen doen. Zo zorg ik er voor dat het in ieder geval niet ligt aan het ontbreken van bepaalde producten in mijn koelkast.
Tweede fout die ik soms nog maak is het goed starten van de dag. Ik ben niet bepaald een ochtendmens en probeer de tijd tussen het afgaan van mijn wekker en het tijdstip waarop ik moet vertrekken naar mijn werk tot een minimum te beperken. Je begrijpt dan wel dat vaak het ontbijt er in schiet, terwijl dit cruciaal is. Ook moet ik mezelf er goed toe zetten dat ik al mijn boterhammen overdag op eet, want soms kijk ik aan het einde van de dag in mijn tas en zit de helft van de boterhammen nog in mijn tas. Dit resulteert dan vaak dat ik overdag te weinig heb gegeten en dat ik dit in de avond ga compenseren. Want dan begint mijn maag te rommelen en dan komt de ‘oude Kris’ en die eet vaak verkeerde dingen. Ik zie mijzelf soms als een Dr. Jekyll & Mr. Hyde. Overdag ben ik een keurige Dr. Jekyll die zo goed mogelijk rekening houdt met zijn dieet. Zoals vele doctoren ben soms ook wat vergeetachtig door de drukte en vergeet ik mijn ontbijt en lunch. In de avond komt de kwade Mr. Hyde in mij naar boven die zich volpropt met slecht eten vaak als gevolg van te weinig eten overdag.
Een derde fout die ik bij mij bespeur is een vreemd soort compensatiegedrag. Een verkeerd beloningssysteem die ik hanteer. Ik zal de kronkel in mijn hoofd proberen uit te leggen. Op sommige dagen train ik me te pletter (tenminste, dat vind ik) en vind ik zelf dat ik erg goed mijn best heb gedaan. Als ik dan thuis ben en moe op de bank plof heb ik dan het idee dat ik mijzelf daar voor mag belonen. Want ik heb die dag zo hard getraind en zoveel calorieën verbrand dat ik dan best wat “slechts” mag eten. Dat werkt natuurlijk averechts, hoe meer ik dan sport, hoe meer ik mezelf dan ga “belonen”.
Deze bovenstaande drietal fouten gebeuren natuurlijk niet dagelijks, maar door het afwisselen hier van zorgt dit er wel voor dat er teveel calorieën binnen komen. Een groot aandachtspunt dus voor de komende tijd.