Na de kleurenfoto van vorige week (Scherven van Marion) heeft Fotoclub Dongen nu een zwart-wit foto van Henk Geboers.
De titel “Van boven af” past goed bij deze foto. De foto is gemaakt in een museum en hij maakte dankbaar gebruik van het invallend licht. Daardoor ontstonden er mooie schaduwen op de vloer in een patroon van horizontale, verticale en zelfs diagonale lijnen. Een donker gedeelte met de twee personen en een wat lichter deel met de schaduwen.
Foto’s maken met schaduwen heeft toch wel iets bijzonders in een foto. Hieronder wat tips en suggesties om met schaduwen aan de slag te gaan: ( www.zoom.nl )
Foto's met schaduw maken creëert diepte, contrast en sfeer door hard of zacht licht te gebruiken. Gebruik een felle, directe lichtbron (zoals de zon of een lamp) voor scherpe schaduwen en plaats voorwerpen voor de lamp om patronen te werpen. Voor zachtere schaduwen, gebruik diffuus licht of een wit doek om het licht te reflecteren.
Hier zijn de beste technieken om schaduw in fotografie te gebruiken:
- Lichtbron positioneren: Richt een lamp of de zon van de zijkant of van achteren op het onderwerp om de schaduwen te verlengen en textuur te benadrukken.
- Schaduw als onderwerp: Richt op de schaduw zelf, zoals silhouetten, schaduwen van bladeren of abstracte schaduwpatronen op muren.
- Contrast verhogen: Wees niet bang voor donkere vlakken; donkere schaduwen maken een foto dramatischer.
- Instellingen: Gebruik een lage ISO en een kortere sluitertijd voor scherpe schaduwen. Pas belichtingscompensatie toe (naar -1 of -2) om te voorkomen dat de camera de schaduw te licht maakt.
Tips voor specifieke situaties:
- Zwart-wit: Schaduwen werken extreem goed in zwart-witfotografie omdat het de focus legt op vormen en contrast.
- Portret: Fotografeer tijdens het 'gouden uur'; (net na zonsopgang of voor zonsondergang) voor lange, zachte schaduwen. Zodra een object door een lichtbron wordt verlicht, bevindt zich erachter gegarandeerd een schaduw. Simpelweg omdat daar geen of in ieder geval veel minder rechtstreeks zonlicht of lamplicht valt. Bevindt de lichtbron zich hoog, dan valt de schaduw nagenoeg recht omlaag en zal amper zichtbaar zijn. Ideaal is daarom een lagere stand. Want dan krijg je een langere schaduw, in de vorm van het object dat het licht tegenhoudt.
Bent U geïnteresseerd? Neem contact op met Henk van Roode:[email protected]