Raad steunt ondernemers buitengebied: snel duidelijkheid over horeca-regels

29 okt , 14:08 • D'n Ham Vandaag
horecabuitengebied
Nog voor het eind van dit jaar komt er een helder en rechtsgeldig beleidskader voor horeca in het buitengebied.
Ook gaat wethouder Wouter de Zwart op korte termijn in gesprek met alle horecaondernemers in het buitengebied om te kijken wat wel en niet mogelijk is. In de tussentijd wordt niet gehandhaafd. Dat is het resultaat van de soms chaotische en verwarrende discussie over de horeca in het buitengebied.
Door: Bernadette Klerx
Starre houding
De horeca in het buitengebied en dan met name de vraag wat er allemaal wel en niet kan en mag, heeft de laatste weken nogal wat ophef veroorzaakt; in eerste instantie door de situatie bij Pukkemuk, waar College en uitbater met elkaar in de clinch liggen over wat wel en niet is toegestaan op horecagebied. Maar ook andere ondernemers in het buitengebied staan niet te juichen bij de houding van de gemeente. Dat blijkt uit een brief van een aantal ondernemers in het buitengebied, die zij deze week naar de gemeenteraad hebben gestuurd. Daarin doen zij een emotionele oproep aan de gemeenteraad om toch vooral het gesprek aan te gaan als het gaat om de mogelijkheden voor de horeca. De ondernemers ervaren nu een te starre houding van het College, soms zelfs tegenwerking en dat brengt grote onzekerheid voor de toekomst van hun bedrijf mee. “Geef ons perspectief, zorg dat we echt in gesprek gaan en kijk eerst naar wat wel kan in plaats van meteen te handhaven”, luidt de hartenkreet.
Niet serieus genomen
De brief aan de gemeenteraad is geschreven namens 6 ondernemers in het buitengebied: De Vlaamsche Spijcker, Herenboerderij Klein Dongen, Natuurlijk Tomaat, Ontmoeten aan de Donge, Opener en Pukkemuk. Ze benadrukken dat de brief wordt geschreven namens de hele groep en niet namens een specifieke ondernemer, want “daarvoor zijn de situaties in het buitengebied te verschillend en te complex”. Waar de ondernemers zorgen over hebben zijn de ontwikkelingen die zij ‘breed ervaren’: ze voelen zich niet serieus genomen.
Flinke kritiek: gesprekken voelen als eenrichtingsverkeer
In de brief krijgt het College er dan ook flink van langs. “Vanuit het college wordt regelmatig aangegeven dat er gesprekken plaatsvinden met ondernemers in het buitengebied en dat er wordt gezocht naar oplossingen. Onze ervaring is echter anders. Wij ervaren weinig ruimte voor een daadwerkelijk gesprek over onze toekomstplannen. Gesprekken voelen als eenrichtingsverkeer. Wij mogen aanhoren wat de gemeente van plan is, welke regels gelden en wat volgens de gemeente wel of niet mogelijk is. Maar als wij dan aangeven waarom een bepaalde situatie anders ligt of welke mogelijkheden wij zien, lijkt daar weinig ruimte voor te zijn. Om het nog scherper te maken: wij ervaren zelfs tegenwerking en worden regelmatig geconfronteerd met een gemeente die terugkomt op haar eigen toezeggingen. Is dat nou een betrouwbare gemeente?  De huidige lijn lijkt steeds meer te bestaan uit handhaven waar situaties mogelijk niet binnen de bestaande kaders passen. Hierbij wordt naar ons inzicht ook selectief gehandhaafd”, schrijven ze in de brief.
Niet meteen tegenhouden, maar kijken wat mogelijk is
De ondernemers benadrukken dat ze heus wel snappen dat er grenzen zijn aan wat er kan en dat ze zich aan de regels moeten houden, maar het steekt hen dat ze nu het gevoel hebben dat handhaven ‘de eerste en enige route is als een ondernemer net niet binnen een bepaald beleidskader past.’ De ondernemers vinden dat dat anders zou moeten. Eerst kijken naar wat wel kan, in plaats van meteen tegenhouden als het niet in het bestaande kader past.
Raad eensgezind: betrek ondernemers bij beleid
En daarin kregen ze de steun van alle partijen. “Betrek de horecaondernemers bij het beleid in plaats van alleen maar handhaven. Wij zijn voorstander van nieuwe ontwikkelingen. Voor ons is het buitengebied meer dan alleen maar weilanden met koeien en akkers. Het is ook een plek voor horeca en vrijetijdsbesteding”, zei VVD-raadslid Jac Willemse Ook Bas Evegaars (D66) vond dat er in het buitengebied ruimte moet zijn voor recreatie. “De vrees is ongegrond dat het agrarisch karakter wordt aangetast als daar zelfstandige horeca zit,” beweerde hij. “Hou niet angstvallig vast aan verouderd beleid, maar ga met de ondernemers in gesprek over hun ideeën.” Het CDA en de Volkspartij Dongen waren blij met de toezegging van de wethouder om met de ondernemers in gesprek te gaan. “Het goede gesprek moet het uitgangspunt zijn. Handhaven is wat ons betreft de laatste stap”, zei Frits Klijs.
Ondernemers moeten duidelijkheid krijgen
Alle partijen vonden bovendien dat er heel snel, nog voor het eind van dit jaar, een duidelijk beleidskader moet komen. Wethouder Wouter de Zwart benadrukte nog maar eens dat de focus bij de gesprekken niet ligt op handhaven. “We gaan per ondernemer bekijken wat er is vergund en wat er daadwerkelijk gebeurt. Als daar een verschil in zit, gaan we kijken hoe we tot een oplossing kunnen komen die voor beide partijen acceptabel is.” Maar toen de wethouder onduidelijk bleef over het zo snel mogelijk opstellen van één helder beleidskader, greep CDA-raadslid Stijn Sips in en vroeg om een schorsing. “Want niemand weet nu meer waar we aan toe zijn.”
Na kort beraad tijdens de schorsing was het voor Sips al snel duidelijk. “In een memo zegt het College dat ze op zo kort mogelijke termijn een kader op gaat stellen, dat rechtskracht heeft en inpasbaar is en dat de raad hierover nog voor het eind van het jaar wordt geïnformeerd. Hier zijn alle fracties het over eens en de wethouder heeft het ook zelf opgeschreven, dus de discussie is nu wel klaar,” zei hij resoluut. En daar was de wethouder het helemaal mee eens. “Dat ga ik zo uitwerken”, beloofde hij.
---------------------------------------------------------------------------------------
ad1actie
loading

Loading articles...

Loading