In reactie op de berichtgeving in het Algemeen Dagblad van heden ochtend,betreffende de betaling van parttime wethouders, volgt hieronder een reactie namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dongen.De wachtgeldregeling voor wethouders is vastgelegd in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). De gemeente Dongen voldoet in deze dan ook aan haar wettelijke verplichtingen.ToelichtingEen wethouder die wordt herbenoemd heeft (op grond van artikel 131, tweede lid, onderdeel a, van de Appa) geen recht op een uitkering, tenzij hij als zodanig een betrekking van kleinere omvang is gaan uitoefenen. Dat betekent dus dat op het moment dat een wethouder deeltijd wethouder wordt, hij inderdaad een uitkering ontvangt gebaseerd op de vorige benoemingsomvang. De nieuwe inkomsten die hij verwerft uit het deeltijdwethouderschap worden volgens de gebruikelijke regels geanticumuleerd: de eerste 20% (eerste jaar) respectievelijk 30% (resterende duur van de uitkering) van de nieuwe inkomsten worden niet gekort. Hij ontvangtderhalve zijn wedde als deeltijdwethouder en het restant van zijn uitkering tot eentotaalbedrag overeenkomend met maximaal de (huidige) wedde van zijn oudebenoemingsomvang. Er is dus sprake van het samentellen van de wedde als deeltijdwethouder en (een deel van) de uitkering tot het bedrag dat in casu een voltijdse wethouder van de gemeente ontvangt.(bron: VNG).
In reactie op de berichtgeving in het Algemeen Dagblad van heden ochtend,
betreffende de betaling van parttime wethouders, volgt hieronder een reactie namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dongen.
De wachtgeldregeling voor wethouders is vastgelegd in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). De gemeente Dongen voldoet in deze dan ook aan haar wettelijke verplichtingen.
Toelichting
Een wethouder die wordt herbenoemd heeft (op grond van artikel 131, tweede lid, onderdeel a, van de Appa) geen recht op een uitkering, tenzij hij als zodanig een betrekking van kleinere omvang is gaan uitoefenen. Dat betekent dus dat op het moment dat een wethouder deeltijd wethouder wordt, hij inderdaad een uitkering ontvangt gebaseerd op de vorige benoemingsomvang. De nieuwe inkomsten die hij verwerft uit het deeltijdwethouderschap worden volgens de gebruikelijke regels geanticumuleerd: de eerste 20% (eerste jaar) respectievelijk 30% (resterende duur van de uitkering) van de nieuwe inkomsten worden niet gekort. Hij ontvangt
derhalve zijn wedde als deeltijdwethouder en het restant van zijn uitkering tot een
totaalbedrag overeenkomend met maximaal de (huidige) wedde van zijn oude
benoemingsomvang. Er is dus sprake van het samentellen van de wedde als deeltijdwethouder en (een deel van) de uitkering tot het bedrag dat in casu een voltijdse wethouder van de gemeente ontvangt.
(bron: VNG).