Column: ‘Consternatiebureau’

Foto: Pix4Profs/Jules Calis

Martijn Schraven (1978) is freelance journalist, tekstschrijver, lezer en liefhebber van muziek die al lang niet meer gemaakt wordt. Maar eerst en vooral papa. Thuispapa, om precies te zijn. Dat léék ooit een heel logische keuze. Met regelmaat geeft hij middels zijn columns een inkijkje in zijn dagelijkse beslommeringen.

Consternatiebureau
,,We gaan op examen”, heb ik meermalig gezegd tegen m’n spruitjes als ze weer moesten gaan laten zien hoe goed ze drie blokjes opeen kunnen stapelen, kleine dingetjes oppakken met links en met rechts, of aanwijzen waar bij een pop de voeten en de neus zitten.

De eerste paar keer gingen Patricia en ik vaak samen, niet in de laatste plaats omdat er in de eerste weken van Lizzy’s bestaan wat specifieke vragen waren aan de lactosedeskundige. Dat zijn niet de gesprekken die ik heel makkelijk uit naam van Patricia voer. Het spreekt voor zich dat Patricia inmiddels geen vrij meer neemt voor deze routinebezoekjes. In de vijf jaar dat ik er nu kom, heb ik buiten mezelf nog geen enkele vader-alleen binnen zien komen. Ik zeg niet dat ze er niet zijn, ik zeg alleen dat ik ze nog niet gezien heb.

Ook de artsen en verpleegkundigen zijn er kennelijk nog niet helemaal aan gewend, want als ik na het omroepen van de naam met de betreffende spruit(en) binnen loop, zie ik ze altijd nog over mijn schouder kijken waar mijn partner blijft. Stiekem vind ik dat best leuk. Het geeft me een gevoel van: kijk even hoe deze papa dat even doet. Kinderachtig? Absoluut. Ik ben deze dag met de tweeling bij het bureau geweest. Ze deden het prima. Goed gegroeid, goed aangekomen en in staat hun eigen bollies op te tillen. De lat ligt nog niet zo heel erg hoog.

Naast me een stel met hun eerste kindje. Ik zie ze onwennig met de kleine in de weer. Geroutineerd kleed ik ondertussen die van mij aan. Wikkelrompertje, broekje en shirt. Aangekleed nog voor ze twee schotten verder de pamper aan hebben. Ik zie ze kijken en doe er nog een schepje bovenop door mutsje en jasje zo soepel en vlot mogelijk aan te doen. Daarmee is nummer één klaar en kan deze terug de kinderwagen en is nummer twee aan de beurt. Terwijl ik de kleine neer wil leggen, zie ik ineens dat in de lege bak het roze dekentje ligt terwijl ik net het blauwe broekje aandeed. Ik kijk nog eens goed, en zie dat ik Julia in Leons outfit heb gestoken. Mijn glazen standbeeld voor de papa van het jaar valt onhoorbaar voor anderen in mijn hoofd aan diggelen. Wat nu? Kleding switchen? Dat zou mijn toch al gekrenkte ego te zeer schaden. ,,Sorry kerel”, zeg ik heel zachtjes terwijl ik Leon uit de bak pak en hem zijn zusters jurkje aantrek. ,,Thuis doen we het weer goed.”

Reacties